Paragrafen

Paragraaf 2: Duurzaamheid

Wat wilden we bereiken in 2019?
In 2035 willen we een CO2-neutrale gemeente zijn. En we willen dat duurzaamheid een uitgangspunt is in alles wat we doen. Dit biedt tevens economische kansen voor Groningen, om groene energiehoofdstad van Nederland te zijn. Om dat te bereiken voeren we het in 2015 geactualiseerde programma 'Groningen geeft energie' uit. We realiseerden ons dat we ondanks de programmatische aanpak nog ver weg zijn van het beoogde einddoel. In 2019 hebben we de bezuiniging doorgevoerd. Deze werd in belangrijke mate gerealiseerd door de wijkenergieplannen te temporiseren. In deze jaarrekening leest u over de resultaten van onze inzet.  

Duurzaamheid gaat niet alleen over energie en economie, maar ook over onze leefomgeving, ons voedsel, grondstoffen en hoe we met elkaar omgaan. Daarom willen we duurzaamheid steviger verankeren in alle reguliere beleidsprogramma’s. Een duurzame gemeente is een gemeente waar het goed toeven is voor bewoners en bezoekers. Maar ook een volhoudbare gemeente, waar overheid, burgers, bedrijven en kennisinstellingen gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor ‘duurzame ontwikkeling’, een gemeente met een innovatieve economie die inspeelt op duurzame kansen en werk biedt aan laag- en hoogopgeleiden. Aan het einde van deze paragraaf leest u ook over de ontwikkelingen van duurzaamheid in het reguliere beleid.

Wat hebben we hiervoor gedaan?
We hebben activiteiten uitgevoerd die gepland waren in de begroting 2019 en het programma “Groningen geeft energie”. Hierbij is de Routekaart te beschouwen als een stip op de horizon en verbindt het heden met de gewenste toekomst. Het eindbeeld is niet in beton gegoten. Het is opgesteld met de huidig beschikbare kennis. Externe factoren, zoals voortschrijdend inzicht, veranderingen van nationaal beleid en technische vooruitgang, zullen leiden tot aanpassingen in het eindbeeld.  

In 2019 hebben we onze focus gelegd op het openingsbod voor de wijkgerichte aanpak, op duurzame energieopwekking, de intensivering van energiebesparing bij particuliere woningeigenaren en de ontwikkeling van een actieprogramma energiebesparing bij bedrijven. Met het energieprogramma hebben we zo in 2019 een stap voorwaarts gezet.

De CO₂-uitstoot die is te relateren aan energiegebruik in de gemeente Groningen bedraagt1.234 kton in 2018[1]. Hiervan wordt ongeveer de helft door bedrijven en instellingen uitgestoten, een kwart door woningen en een kwart door verkeer en vervoer. Opgave is deze 1.234 kton in zeventien jaar(2019 – 2035) terug te brengen naar (bijna) 0 kton. Dit is geen eenvoudige opgave. In de afgelopen decennia is het energiesysteem maar weinig veranderd. Het bereiken van het doel maakt Groningen koploper in de energietransitie. Dit biedt de kans om een nieuwe kennispositie en economisch perspectief te creëren. Groningen kan zo haar betekenisvolle bijdrage aan de nationale energievoorziening overeind te houden.

Het doel voor 2035 is ambitieus. Het gemeentelijke doel loopt voor op de ambitie van het Rijk en veel private partijen. Daarom vragen de doelen om een gedegen strategie en actieve inzet vanuit de gemeente. De gemeente kan vanuit haar rol en verantwoordelijkheden de energietransitie ondersteunen. De gemeente voert hiervoor autonoom beleid en heeft budget beschikbaar. Wij beschikken over verschillende typen beleidsinstrumenten: stimuleren, (de)reguleren, financieren, faciliteren, enthousiasmeren en soms ook initiëren. Toch zijn we met de huidige inzet niet op schema om in 2035 CO2-neutraal te zijn. Uit de CO2-monitor blijkt dat Groningen tussen 2013 en 2018 van 3,8 procent naar 6,1 procent duurzame energie is gegaan.

De klimaattop in Parijs (COP21) in 2015 leverde een mondiaal akkoord op. Bijna alle landen ter wereld hebben daarmee afgesproken dat de globale temperatuurstijging ‘ruim onder 2 °C’ moet blijven. Het kabinet Rutte III heeft in het regeerakkoord een ambitieuze klimaat- en energieagenda geformuleerd. Deze agenda is niet alleen ingegeven vanuit de plicht om bij te dragen aan de mondiale klimaatopgave, maar ook vanuit de wens om de kracht van de Nederlandse economie verder te versterken en de kansen die de transitie biedt optimaal te benutten. Op 28 juni 2019 werd het Klimaatakkoord gepresenteerd. In 2019 hebben we een analyse gemaakt op het Klimaatakkoord. Uit deze analyse zijn verschillende zorgpunten gekomen. We hebben lobby gevoerd om de juiste waarborgen te krijgen (financieel en wettelijk) om als gemeente Groningen het Klimaatakkoord goed te kunnen uitvoeren. Bij de algemene ledenvergadering van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) op 29 november 2019 hebben gemeenten ingestemd met het Klimaatakkoord. Daarbij zijn verschillende moties aangenomen waaronder voor ons, in samenwerking met gemeente Zaanstad gemaakte, belangrijkste motie ‘Garantie op financiële randvoorwaarden’. Deze motie gaat over het feit dat de uitvoering voorwaardelijk is aan voldoende instrumenten (zowel wettelijk als financieel). Samen met de gemeente Zaanstad en VNG bewaken we de uitvoering van deze motie.

In Regionale Energie Strategieën (RES) worden veel nationale afspraken uit het Klimaatakkoord in de praktijk gebracht. Dit gebeurt in een landelijk dekkend programma van 30 regio’s. In de RES werken overheden met maatschappelijke partners, netbeheerders (voor gas, elektriciteit en warmte), het bedrijfsleven en bewoners regionaal gedragen keuzes uit. Dit doen zij voor de opwekking van duurzame elektriciteit (doel is 35 TWh opwekking op land), de warmtetransitie in de gebouwde omgeving (van fossiele naar duurzame bronnen) en de daarvoor benodigde opslag- en energie-infrastructuur. Deze keuzes worden vertaald naar gebieden, projecten en naar de implementatie en uitvoering van die projecten. De focus in de RES ligt op de opgaven van de tafels ‘Gebouwde Omgeving’ en ‘Elektriciteit’.

In Groningen hebben de twaalf gemeenten, de provincie en de twee waterschappen een start gemaakt de RES door eerste de ondertekening van de intentieverklaring RES Groningen in januari 2019 en daarna door het vaststellen van het startdocument RES Groningen. Vanaf september 2019 is er een gezamenlijke werkplek in het gemeentekantoor in Scheemda waar de vier werkgroepen, ‘ruimte’, ‘elektriciteit’, ‘warmte’ en ‘communicatie en participatie’ regelmatig bijeen komen. Ook komt de adviesgroep hier tweewekelijks bijeen zodat alle betrokken partijen op de hoogte blijven van de voortgang van de RES Groningen. Ook de stakeholders worden op de hoogte te gehouden van de voortgang en worden betrokken bij de onderwerpen waar ze inhoudelijk aan kunnen bijdragen.

De eerste resultaten van de werkgroepen zijn aan de bestuurders gepresenteerd in de stuurgroep RES Groningen in november, december en januari. Op 23 januari 2020 zijn raadsleden en statenleden en leden van algemene besturen van waterschappen op de hoogte gebracht van de voortgang in de raadsconferentie. Ook zijn daar de reacties van de deelnemers verzameld. De volgende stap is het consultatiedocument RES Groningen dat aan raden en staten wordt voorgelegd. Dit is de laatste stap op weg naar de concept RES Groningen.

Met de jaarlijkse CO 2 monitor houden we doorlopend in beeld hoe we vorderen met onze doelstelling.
 

Prestatie-indicatoren

Behaald

 2014

Behaald 2015

Behaald
2016

Behaald

 2017

Behaald
2018

Totale energiegebruik in Groningen

15.355 TJ

15.576 TJ

15.130 TJ

17.787 TJ
1)

17.545 TJ

Totale hoeveelheid geproduceerde duurzame energie

637 TJ

699 TJ

821 TJ

1.050 TJ

1.068 TJ

Aandeel duurzame of hernieuwbare energie

4,1%

4,5%

5,4%

5,9%

6,1%

Totale C02-uitstoot in kton 2)

1.192

1.172

1.116

1.250

1.234

  1. Toename is te verklaren door de herindeling van de gemeenten Groningen, Haren en Ten Boer.
  2. Er is een nieuwe rekenwijze toegepast voor de totale CO 2 -uitstoot. De uitstoot in 2014, 2015 en 2016 is daardoor hoger dan eerder werd gerapporteerd. Vanaf 2017 wordt in de rekenmethode ook de CO2-uitstoot meegerekend t.g.v. elektriciteitsopwekking buiten de gemeentegrenzen, voor zover deze in de gemeente Groningen wordt benut. Dit betekent in 2014 dat de CO2-uitstoot 1.192 kton is, in plaats van de eerder vermelde 766 kton. Hier staat tegenover dat bij de geproduceerde duurzame energie nu ook een proportioneel aandeel van opgewekte stroom door windmolens op zee wordt meegerekend. Deze is in 2016 fors toegenomen t.o.v. 2015.

Verdeling energiegebruik in 201 8

Terajoule

%

Huishoudens

5.515

31

Bedrijven en instellingen

7.640

44

Verkeer en vervoer

4.390

25

Totaal

17.545

100

Hernieuwbare energie per bron in 2018

Terajoule

         %

Biomassa (vergisting en verbranding)

639

60

Bodemenergie

84

8

Zonne-energie 

166

16

Windenergie op land + op zee *)

2  + 116

11

Overige bronnen

61

6

Totaal

100,0%

*) Veruit het grootste deel van de windstroom is opgewekt op zee. Deze wordt voor een deel (o.b.v. het gewicht van de gemeente Groningen in het landelijke energiegebruik) toegerekend aan de gemeente Groningen.

Conclusie   
De snelheid van de ontwikkelingen in de energietransitie neemt toe door steeds meer maatschappelijk bewustzijn, politieke ontwikkelingen onder invloed van het nieuwe kabinet en de gaswinningsproblematiek. De transitie is een technische, financiële en sociaaleconomische opgave. En op alle onderdelen moet nog politieke discussie plaatsvinden om de transitie verder te brengen, bijvoorbeeld als het gaat om verdeling en betaalbaarheid van de kosten en de relatie tussen tempo van en draagvlak voor de transitie. Met de instemming van de gemeenten met het Klimaatakkoord is weer duidelijker geworden wat er op dit vlak van de overheid verwacht wordt, maar ook de komende jaren blijft het werkveld dynamisch en zullen we ons al gemeente telkens weer moeten aanpassen aan en reageren op landelijk beleid en landelijke wet- en regelgeving. Hoewel we als gemeente flink inzetten op de energietransitie, realiseren we ons dan ook dat de uitdaging zo groot is dat we dit als gemeente niet alleen voor elkaar kunnen krijgen. Daarnaast is CO2-reductie niet ons enige doel. We zien ook economische kansen in de energietransitie.
[1] Cijfer uit de CO2-monitor.Voor deze monitor zijn wij afhankelijk van Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) data die jaarlijks publiceert over het jaar ervoor.

ga terug
Deze pagina is gebouwd op 06/29/2020 16:45:58 met de export van 06/29/2020 16:41:48