Deelprogramma 3.1: Onderwijskansen

3.1.1 Kansen en kwaliteitsbewaking

Met het Kansenbeleid richten we ons in de eerste plaats op de jongste burgers van de gemeente. We bieden voorzieningen om (taal-)ontwikkelingsachterstanden te voorkomen en zo vroeg mogelijk aan te pakken. Deze voorzieningen sluiten naadloos aan bij de inzet van maatregelen vanuit het rijk zodat alle kinderen de kans krijgen om zich optimaal te ontwikkelen. Binnen dit beleidsterrein is ook ons kwaliteitstoezicht op de voorschoolse voorzieningen en gastouderopvang ondergebracht. In 2020 kan het toezicht op de gastouderopvang worden uitgebreid. Hiervoor heeft het rijk extra middelen beschikbaar gesteld.

We willen:

  • Dat alle kinderen en jongeren in Groningen zich naar eigen aard en talent ontplooien, opgroeien tot verantwoordelijke burgers en goed voorbereid op de arbeidsmarkt komen;
  • Dat kinderen een doorgaande ontwikkelingslijn volgen;
  • Voorschoolse voorzieningen en gastouderopvang van goede kwaliteit.

Met de onderstaande indicatoren is de voortgang van dit beleidsveld in 2019 gemeten. Als er geen gegevens beschikbaar zijn/of één maal per twee jaar gemeten worden staat er een streepje.

Prestatie-indicatoren

Beoogd
2019

Behaald
2019

% gebruik VVE-programma’s door Voor- en Vroegschoolse- doelgroep

95%

92%

% leerwinst groep 2 ten opzichte van landelijk gemiddelde

80%

68%

% geïnspecteerde locaties kinderopvang

100%

100%

Wat wilden we bereiken in 2019?

Door uitvoering te geven aan het beleidsplan “Voor alle jonge kinderen gelijke kansen” wilden we verder werken aan kansengelijkheid in het onderwijs. We wilden voor jonge kinderen (2-4 jaar) een voorschools aanbod creëren van 16 uur per week van hoge kwaliteit. Deze hoge kwaliteit wilden we behalen op zowel het niveau van de beroepskrachten als het niveau van de programma’s waarmee wordt gewerkt. In samenwerking met de kinderopvanginstellingen en het basisonderwijs wilden we verder werken aan een doorgaande ontwikkelingslijn.
Daarnaast hebben we dit jaar wederom ingezet op intensieve taalstimulering en rekenen binnen de schakelgroepen, de verlengde schooldag en zomerscholen.

Wat hebben we hier voor gedaan?

In 2019 zijn we verder gegaan met de uitvoering van ons kansenbeleid 'Voor alle jonge kinderen gelijke kansen'. Vanaf schooljaar 2018/2019 is het aantal uren peuteropvang voor peuters in de leeftijd van 2 tot 4 jaar uitgebreid naar 16 uur per week. In 2019 hebben meer VVE-geïndiceerde kinderen gebruik gemaakt van het aanbod kinderopvang van 16 uur per week. Het aantal kinderen uit deze categorie die geen recht heeft op kinderopvangtoeslag is iets gedaald waardoor deelname van deze groep aan het aanbod ook iets is gedaald.
Ook kinderen zonder VVE-indicatie hebben in 2019 meer gebruik gemaakt van het 16- uur aanbod. Dit geldt zowel voor de kinderen waarbij wel en geen sprake is van recht op kinderopvangtoeslag.
Scholing van beroepskrachten in de kinderopvang en in het onderwijs vragen nog de nodige aandacht. Het tekort aan voldoende personeel in beide beroepsgroepen maakt dit niet altijd eenvoudig. We zijn hierover in overleg met de regionale opleidingscentra om de VVE-scholing van de beroepskrachten onderdeel uit te laten maken van de basisopleiding.  
De instellingen werken samen aan het ontwikkelen van een doorgaande ontwikkelingslijn. Daar waar sprake is van een Vensterschool of IKC-ontwikkeling zien we dat dit proces soepeler verloopt.
Net als voorgaande jaren hebben we ook in 2019 ingezet op intensieve taalstimulering en rekenen binnen de schakelgroepen, schakelgroepen, activiteiten in het kader van de verlengde schooldag en zomerscholen. Daarnaast hebben we activiteiten ter versterking van ouderbetrokkenheid in het onderwijs ondersteund.

Conclusie

We zien een stijging in het aantal peuters dat deelneemt aan VVE, hoewel een minder grote stijging dan verwacht. We blijven dit in 2020 stimuleren, ook door in te zetten op het bereiken van de peuters waarvan ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag. In 2020 blijven we de toename van het aantal peuters dat deelneemt aan een VVE-programma monitoren.
In 2019 kregen 533 kinderen een VVE-indicatie waarvan 92% daadwerkelijk is toegeleid naar een VVE-locatie. Het blijft lastig de overige 8% te bereiken. Uit de analyse van gegevens die de toeleidingsmonitor ons levert kunnen we opmaken dat de wanneer peuters niet worden toegeleid naar de VVE dit grotendeels wordt veroorzaakt door het niet kunnen bereiken van de ouder(s)/verzorger(s).
In 2019 is het beleid van 2018 zowel op rijks- als gemeentelijk niveau voortgezet. In de bestuursafspraken met het rijk hebben we een forse ambitie opgenomen dat 80% van de kinderen in groep 2 een leerwinst laat zien die boven het landelijk gemiddelde ligt. Hoewel we die hoge ambitie nog niet halen laat 68% van de kinderen in groep twee wel een bovengemiddelde ontwikkeling zien.

ga terug
Deze pagina is gebouwd op 06/30/2022 16:43:17 met de export van 06/30/2022 16:19:59